Hagelandmarathon 30 oktober 2011

Bruno bezorgde het volgende verslag van zijn eerste exploot op de 42.195m:

De Hageland marathon. Een paar dagen voor de wedstrijd had ik beslist om toch een gooi naar de marathonafstand te doen. Maar zeker van mijn stuk was ik niet : verder dan 26 km was ik niet geraakt tijdens de voorbereiding. Gewoon uitlopen dus. Eens een marathon uitlopen was voor mij al de max. Ik zou vandaag geschiedenis kunnen schrijven.
Gewoon uitlopen, dat betekent voorzichtig beginnen. Ik had me voorgenomen om de eerste 21 km rond de 11,5 km/u te lopen. Het lopen ging vlot, de kilometers kropen langzaam vooruit en ik kon geniet van het afwisselende landelijke parcours. Af en toe een babbeltje met een compagnon de route. Gemiddeld aan 5min22sec per km, hartslag rond de 141 en geen tekenen van vermoeidheid. Vlak voor de pitstop, rond km 17km, zette ik een joker in en nam 1 ‘gelleke’ uiteraard met een bekertje water. Maar na een tijd kreeg ik serieus last van een prikkelende hoest, en maar hoesten. Ik ben uiteindelijk teruggelopen naar een achtervolgend groepje, waar ik aquarius à volonté kreeg. Shit dacht ik, daar gaat mijn wedstrijd. Na het wisselpunt had ik al vrij vlug gezelschap. ‘Vorig jaar heb ik de marathon hier gelopen in 4u10min’ zei hij  ‘ik denk niet dat we onder de 4u gaan eindigen met dit tempo’. Plots hoorde ik opnieuw de stem van mijn vriendin ‘Onder de 4u ga je toch kunnen lopen hé’. Vanaf km 23 zijn we opnieuw in het bos gedoken en heb ik de leiding genomen en het tempo opgedreven naar minstens 12km/u. Niet veel vlugger want ik was beducht voor de fameuze man met de hamer rond km 35. Maar het ging goed, en ik voelde dat ik nog jus in de benen had en  haalde nog 2 lopers bij. Rond km 33 km kruiste ik Jeroen nog eens ‘hallo, goe bezig’. Ondertussen bleef mijn 2de gelleke veilig en wel opgeborgen in mijn loopbroek. Ik begon dan te rekenen en bleek dat een tijd tussen de 3u45 en 3u 50 toch nog mogelijk was. Door al dat rekenen ben ik wel twee keer 10 m teruggelopen om toch nog eens naar de wegwijzer te kijken. De begwijzering was heel goed, daar niet van. Aan de bevoorradingspost van km 37 zag ik plots 4 andere lopers opdoemen. Ik had de indruk dat ze er veel minder fris bij liepen. En ja binnen de 2 km had ik ze allemaal opgeraapt. 1 van die gasten was zo een triathlontype, dat gaf me nog een extra kick. De laatste 4 km kon ik mijn turboke nog laten draaien en tegen 4min45sec gaan lopen. De man met de hamer ben ik niet tegengekomen, vermoedelijk dankzij mijn voorzichtige start. 600 m voor de eindmeet stond Jeroen mij op te wachten. Ik gas geven en Jeroen mij volgen.
Ik heb hier vandaag mijn hart verloren bij de Hagelandmarathon, misschien omdat het mijn eerste marathon was, maar zeker omwille van het mooie afwisselende parcours, de sympathieke en puike organisatie en de cameraderie tussen de lopers.

Advertenties

Intervaltraining 2 november

Aangezien het winteruur is (of correcter: geen zomeruur) gaan we voortaan opwarmen met het zgn. Kastaarrondje (ik ga daar eens een kaartje van plaatsen voor de nieuwkomers). Wie later aankomt loopt dat rondje in omgekeerde richting. Fluovestjes niet vergeten!!!

Daarna gaan we de basissnelheid opnieuw wat aanscherpen op de baan. We vertrekken met een scheut van de vorige training (vierhonderdjes) en doen er na de obligate heuvelversnellingen nog een pak tweehonderdjes bovenop:

  1. 6x(400-200R) (1″/100m sneller dan 800m-tempo)
  2. drie maal de heuvel op, telkens een tikje sneller
  3. 10x(200-100R) (3″/100m sneller dan 800m-tempo)

Tot woensdag! Na de training gaan we Simon uitwuiven.

Intervaltraining 26 oktober

Woensdag gaan we 12x400m lopen op de baan, maar voor elke drie intervallen variëren we het tempo en de recuperatie. En we gooien er ook enkele heuvelversnellingen in als intermezzo. Dat gaat dan als volgt:

  1. 3x(400-200R) – 1″/100m sneller dan 800m-tempo
  2. 3x(400-400R) – 2″/100m sneller dan 800m-tempo
  3. 3 keer heuvel op (van rustig naar snel)
  4. 3x(400-200R) – 1″/100m sneller dan 800m-tempo
  5. 3x(400-400R) – 2″/100m sneller dan 800m-tempo

Het idee is nog verder te werken aan onze snelheid en bovendien ook tempowisselingen in een wedstrijd te simuleren. Zie hier voor een video met wat meer uitleg over deze training.

Tot woensdag!

Intervaltraining 19 oktober

Het wordt steeds vroeger donker ’s avonds, dus het zal wellicht de laatste keer zijn dat we nog eens gaan versnellen in het provinciaal domein. Het worden ingedeelde intervallen met een stevig snelheidsaccent op het einde:

5 à 7 x (600-100R-300-360R)
De 600m gaat aan het 800m-tempo, daarna kort (100m) recupereren en op eigen gevoel 1 à 2″/100m sneller 300m tot aan het 1000m-punt. Daarna rustig recupereren en opnieuw beginnen. 5 herhalingen volstaan, maar de maximalisten mogen er 7 doen.

Marathon Amsterdam 16 oktober 2011

En hier is dan het verslag van Jean-Paul over zijn Amsterdamse prestatie.

Ik was minder nerveus dan normaal aan de start. De zon en de temperatuur (onder de 10 graden in het begin) waren ideaal en er was geen wind. Dus ideaal om onder de 3 uur te raken. Mijn vrees was alleen van niet volledig gerecupereerd te zijn van Köln, waar ik de hamerslag kreeg rond de 34 kilometer.

Er was enorm veel volk aan de start. Zelfs met in blok B te starten had ik een heel trage eerste kilometer aan mijn been: 4’22”! Het moest dus toen al een stuk sneller gaan. Aan kilometer 2  ben ik al in 8’10”, maar dan was mijn hartslag weer vreselijk hoog (172-180). Ik begrijp er niets van, maar beslis om nog een of twee kilometers dat tempo aan te houden om te zien of het beter wordt. Rond km 3 gaat mijn hartslag eindelijk terug naar 152 en weet ik dat ik zo verder kan. Ik loop de eerste 10 km in 40’44” en besef dat ik een goede dag heb, al voelen mijn benen wel een beetje zwaar. Ik ga door zonder naar mijn tijd te kijken. Zoals Harbans zegt: op feelings!

Ik zie dat mijn voorsprong op 3u wat vertraagt, maar op 21km heb ik nog een flinke voorsprong: 2’36” dus 1u27’24”. Op dat moment voel ik me goed maar niet fantastisch. Bij elke bevoorradingspost neem ik water, sportdrank en banaan.

Dan komt km 30 en rijst de vraag of ik deze keer beter ben dan in Köln. Ik klok af op 2u05’19”, dus veel beter dan in Köln, waar ik dan 2u06’47” op de chrono had staan. Op dat moment luister ik naar elke teken van vermoeidheid maar ik voel me goed en km 35 is al in zicht. Ik voel dat alles mogelijk is en denk op dat moment dat ik ruim onder de 3uur zal lopen, want ik heb nog 1’40” voorsprong op de 3uur.

Op km 38 wordt het moeilijker. Het begin van krampen aan mijn linkerbeen doet me het ergste vrezen. Maar ik ga verder. Niet denken; gewoon gaan.

Op 2 km van de finish denk ik dat ik nog steeds onder de 3 zal raken. Ik zie zelfs niet mijn gezin staan in de massa volk. Ik schrik wakker op 500m van het einde, wanneer ik de speaker hoor roepen: 2’30” om nog onder de 3 uur te raken. Op dat moment komt een vreselijk begin van kramp in mijn linkerbeen maar ik denk: beter met één been onder de 3uur dan erboven. Ik begin mijn sprint en kom in het Olympisch stadium binnen, waar ik de speaker hoor zeggen: “Come on, still possible to go under 3 hours”.

Met krampen loop ik naar de aankomst, het tapijt op, waar ik roep: “yeeeeeeahhhhhhhhhh”. Het is nu eindelijk gebeurd: 2u59’19”. Niet zonder pijn, maar met een beter gevoel dan in Köln. Dank aan iedereen om te hebben gesupporterd!

Gaston Roelants uurloop 14 oktober 2011

Dit jaar namen de brokkenlopers voor het eerst met twee teams deel aan de jaarlijkse aflossingsuurloop op de piste. Dit evenement is een hulde aan wellicht de meest memorabele DCLA-prestatie ooit op 20 september 1972, toen op een internationale atletiekmeeting op de Heizel vijf wereldrecords werden verbeterd door wereldtoppers van onze club (Miel Puttemans op 3 mijl en 5.000m, Willy Polleunis op 10 mijl en Gaston Roelants op 20km en op het uur). Gaston Roelants liep 20.784m op dat uur, dat is natuurlijk 20,8 km/uur, iets meer dan 69″/400m of 17,3″/100m.

Ons eerste team (brokkensprinters) eindigde derde met 20.755m, dus op een zucht van de wereldprestatie van Gaston Roelants. Hij deed het toen wel alleen, terwijl Simon, Ingemar, Bart, Harbans, Johan, Stijn, Ben en Jeroen elkaar mochten aflossen.

Ons tweede team (brokkenlopers) moest het doen met zes lopers in plaats van acht. Brent, Pierre, Sven, Bruno, Luc en Lieven hebben zich niet laten kennen en legden beslag op de negende plaats met 18.500m (77,8″/400m of 19,5″/100m).

Toch mooi gedaan voor een stelletje afstandlopers van (meestal toch) middelbare leeftijd. De taart heeft gesmaakt en er werden zelfs al plannen gesmeed voor een stand op de 24-uurloop 😉