Intervaltraining 29 juli

Ook deze week is er de keuze tussen de baan en het provinciaal domein.

Op de baan kan je je overgeven aan de volgende climaxintervallen:

4x(600-200R-300-100R-200-400R) (tempo: 600 aan 800m-tempo, 300 en 200 1 à 2″/100m sneller)

In het provinciaal domein is er een variante van de baantraining:

5x(600-200R-300-260R) (tempo: 600 aan 800m-tempo, 300 1 à 2″/100m sneller)

Met het oog op Leuven sprint gaan we de volgende weken enkele extra snelheidsprikkeltjes in de intervallen inbouwen, vandaar…

Advertenties

Intervaltraining 22 juli

Deze week is er keuze tussen een training op de baan of in het provinciaal domein. Op de baan staat een klassieke 6 à 8x(800-400R) op het programma. In het provinciaal domein worden het duizendjes, in twee varianten (ter plaatse af te spreken met je tempogenoten):

  • ofwel 5x(1.000-360R) aan 0,5″/100m trager dan 800m-tempo
  • ofwel 5x(800-200-360R) met 800m 1″ trager en 200m juist iets sneller dan 800m-tempo

Veel succes!

6 uur van Aalter 11 juli 2015

Niet zo veel brokkenlopers wisten het, maar Johan zat al een poos met ultraloopplannen in zijn hoofd. En vorig weekend heeft hij die plannen in werkelijkheid omgezet op de 6 uur van Aalter. Johan vertelt het zelf hieronder en op zijn blog. Lees en zweet…

Voor de start vraag ik mezelf af “Waar ben je aan begonnen?”.
Wel, het begin dateert van in februari dit jaar waar ik na lang en vele kilometers trainen voor de 6 uur van Stein  een ribkwetsuur oploop waardoor ik die wedstrijd moet schrappen.  Hierdoor heb ik het een paar maanden moeilijk om  de motivatie en de conditie terug te vinden.  Maar het idee van eens “iets langer” dan een marathon te lopen blijft in mijn hoofd spelen.  Ik had deze wedstrijd al een tijdje geleden aangekruist, maar wist niet of het haalbaar zou zijn.  Een kwartier voor het verstrijken van de inschrijvings-deadline besluit ik om het toch te doen en schrijf ik me nog vlug in.  Met nog een week te gaan voor de wedstrijd begint het besef te komen dat ik hier eigenlijk niet klaar voor ben. Mijn langste trainingsafstand de laatste 2 maanden is 15km, en 27km op één dag in 3 keer, dus nooit langer dan 1u15 gelopen.  Pfft, ik begin te zweten bij het idee, en zeker als ik de weersverwachting in het oog krijg: 28°.

De dag van de wedstrijd

’s Morgens vroeg uit de veren en nog een laatste keer mijn tas controleren om zeker te zijn dat we niets vergeten.  Na een klein ontbijt, boterhammetjes met choco, richting station om de trein van 9u19 richting Aalter te nemen.  Van het station van Aalter is het nog 20 minuutjes stappen.  Ik ben anderhalf uur voor de wedstrijd ter plaatse, tijd om me rustig klaar te maken.  Het is al redelijk warm maar gelukkig staat er ook een briesje.

Om 12u30 weerklinkt het startschot en de eersten schieten weg. Ik kan mijn ogen niet geloven.  Ik start rustig en kijk even de kat uit de boom. Na 2 rondjes besluit ik om toch ook maar een tandje bij te steken, met in het achterhoofd de gedachte dat er straks toch verval optreedt, of ik nu 13,5 of 12km/u loop.  Na een uur staat er al iets meer dan 13km op de teller en word ik al gedubbeld door de leider die iets daarna uit de wedstrijd stapt.  Bij mij loopt het prima en die rondjes van 2 kilometer zijn eigenlijk best leuk.  Op die manier ben je nooit alleen en weet je altijd perfect waar de drankpost staat.  Van die drankpost maak ik gretig gebruik en, op een paar keer na, stop ik iedere ronde en neem ik uitgebreid mijn tijd om iets te eten en te drinken.  Ik weet ondertussen niet in welke positie ik loop en na anderhalf uur wedstrijd zijn er al deelnemers aan het wandelen.  Tussen wedstrijduren 2 en 3 is het echt stil.  Iedereen is met zichzelf bezig en er wordt weinig gesproken.  Mijn motor draait nog prima al heb ik het tempo al wel laten zakken.  Na 3u17 heb ik de marathonafstand bereikt en stilletjes hoop ik om na 6 uren lopen 72 kilometer te halen.  Maar dan komt mijn dipje.  Tussen kilometers 42 en 50 heb ik het moeilijk.  De tijd en kilometers gaan precies niet vooruit en ook mijn kilometertijden zitten ondertussen boven de 5 minuten.  Met nog 2 uren te gaan moet ik mijn doelen bijstellen en hoop ik op 70 kilometer… Ondertussen duren de drankpauzes iets langer en is het tempo nog gezakt.  Met nog een uur op de klok moet ik alweer mijn doel bijstellen.  70 kilometers worden er 68, dit moet haalbaar zijn.  De laatste 20 minuten  neem ik geen drankpauzes meer.  Amai, op een gewone dag is 5 kilometer lopen een “piece of cake” maar na 62 kilometers is dat niet zo evident meer en duurt het lang.  Het laatste half uur krijg ik echt kippenvel en laaien de emoties op, nog nooit meegemaakt.  Daar is het eindsignaal, eindelijk.  Ik ga onmiddellijk zitten en wacht tot ze mijn afstand opgemeten hebben. Op mijn Garmin staat alvast 68,7km.  Ik wacht niet op de einduitslag, was me, ga naar het station, de trein op, en zo snel mogelijk naar huis waar het ontvangstcomité klaar staat.  Moe maar voldaan val ik in slaap.

De day after

Opstaan gaat prima, so far so good. Maar dan, als ik met de hond ga wandelen, amai, de voeten doen pijn.  Pfft, normaal stappen zit er vandaag niet in.  Met de fiets op en af naar Leuven en later op de dag de uitslag op de website checken. Lap, daar staat maar 65 kilometer op. Dit wordt na een mailtje gecorrigeerd naar 67,618km en de 8ste plaats van de 110 deelnemers.  Dit zou kunnen kloppen.

Eindbalans

De warmte viel gelukkig mee, en bevoorrading was dik in orde.  Geef mij maar zo een wedstrijd met weinig deelnemers ipv die massa-evenementen. Het was een zware maar leuke ervaring die “ ik zeg misschien” voor herhaling vatbaar is.  Er heerst een leuke sfeer op zo een ultraloop en de organisatie was top.  Nu eerst recupereren en dan een volgende uitdaging zoeken.

Johan

foto Gaby De Vos

Intervaltraining 15 juli

We gaan deze week in het provinciaal domein lange vijverrondjes (1.360m) lopen met recuperatie rond de kleine vijver (600m). Je mag ze vlak lopen, aan 1″/100m trager dan 800m-tempo, vier à vijf stuks.

Voor de meerwaardezoekers is er de Keniaanse variante van deze training. Dat houdt in dat je rustig begint aan het interval (rustig duurlooptempo) en geleidelijk versnelt naar net-niet-sprinttempo op het einde. Dat is niet zo eenvoudig als het lijkt: het is moeilijk om op zo’n afstand je tempo geleidelijk en zonder terugval op te bouwen. Je kan het best proberen te focussen op het versnellen op enkele welbepaalde punten en daartussen je snelheid constant houden (bv. aan 400-800-1.000-1.200).

Intervaltraining 8 juli

Vandaag lopen we ingedeelde langere intervallen die een hele vijverronde beslaan, telkens gevolgd door een jogpauze rond de kleine vijver. Dat ziet er uit als volgt:

4 à 5x(600-100-300-100-260-600R). De eerste 600 aan 800m-tempo, de 100 aan jogtempo, en de 300 en 260 1 à 2″/100m sneller dan 800m-tempo.

(Interval)training 1 juli

Voor woensdag worden temperaturen voorspeld tot 34°C. Dat is echt wel teveel voor een intervaltraining. Maar we kunnen wel wat rustig loslopen en, als de omstandigheden nog zouden meevallen, enkele korte, zeer extensieve versnellingen plaatsen. We zullen democratisch beslissen of dat dan gebeurt in het provinciaal domein, langs de Vaart (briesje?) of in de bosrijke koelte op de Kesselse bergen.

Vergeet je flesje water niet!